Auto’s en strips: jeep

20190329JeepPenitentenstr3klein

Zoiets doet me altijd denken aan de Jeep in het album Avonturen van Robbedoes door Franquin en Jijé, waarin een Jeep een rol speelt.

Het verhaal werd kort na de Tweede Wereldoorlog gemaakt, en toen werd er overbodig geworden Amerikaans legermateriaal verkocht. Dat was het ontstaan van de “stock américain”, die je hier en daar nog vindt.

Jijé en Franquin staken er wat de draak mee, en voerden soldaten op die granaten en tanks verkochten op rommelmarkten. Het verhaal heette Robbedoes en het geprefabriceerde huis. Ook in Radar de robot dook een Jeep op.

De Jeep van de foto dateert van 1947, en is dus te jong om een achtergebleven voertuig uit WOII te zijn. Maar dat hij nu, anno 2019, nog altijd rijdt, is wonderlijk.

Advertenties

In memoriam: Jacques Sandron (1942-2019)

sandron_madamesansgene

En nog een overlijden. Deze keer van de minder bekende Jacques Sandron.

Jacques Sandron was medewerker van de drukkerij van Dupuis, en werkte samen met Raoul Cauvin aan twee stripreeksen: Slemper en Slof en het minder bekende Raf de postbode.

Aanvankelijk zou Sandron net als zijn vader mijnwerker zijn geworden, maar dat veranderde door de mijnramp in Marcinelle (België) in 1956, waarbij 268 doden vielen. Daardoor kwam hij in 1957 als leerjongen terecht bij drukkerij Dupuis, waar hij tot zijn pensioen bleef werken.

Na enkele mislukte pogingen als striptekenaar ontmoette hij Raoul Cauvin, en ze besloten samen aan Slemper en Slof te werken. De reeks ging over een huzaar en zijn paard tijdens de Napoleontische oorlogen. De verhalen verschenen in het stripweekblad Spirou/Robbedoes van 1975 tot 1986.

Sandrons tekenstijl is nerveus, gedetailleerd en emotioneel. Zelfs de paarden zijn geëmotioneerd. In zekere zin is het een verder doortrekken van de erg beweeglijke figuurtjes van Franquin, en Sandron was niet de enige die in zo’n richting werkte. Ook Bercovici (Vrouwen in ’t Wit) en Wasterlain (Dr. Zwitser, Sarah Spits) hadden dat kenmerk.

Toen uitgeverij Dupuis werd verkocht aan Albert Frère en Hachette werd Slemper en Slof stopgezet, omdat het succes ervan te klein was.

Samen met Cauvin begon hij aan een reeks voor het maandblad Je Bouquine van uitgeverij Bayard Presse over een postbode: Raphaël et les Timbrés (Raf de postbode) van 1986-1994. Terwijl Slemper en Slof korte verhalen en volledige lange albums van 44 pagina’s kende, was Raf de postbode beperkt tot gags van 2 platen. In 1989 en 1990 verzamelde Soleil ze in twee bundels. Sandron stopte met de reeks bij zijn pensionering in november 1994.

Hij leverde ook nog bijdragen aan Les Enquêtes de leurs Amis (Soleil, 1989). Dat was een collectief eerbetoon aan Guus Slim van Tillieux (of aan Tillieux van Guus Slim, het hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt.

Tijdens zijn pensioen illustreerde hij voor de Britse schoolboekenuitgever Nelson Thornes, en in 2006 werkten Sandron en Cauvin weer samen voor het korte verhaal S.P.A., dat in Spirou #3536 verscheen. In 2010 leverde Sandron een bijdrage voor Folklore Wallon en bulles, waarin Waalse volksverhalen in stripvorm werden gepubliceerd ter gelegenheid van een stripfestival in Seraing (België).

Jacques Sandron werd geboren op 2 mei 1942 in Le Lude (Frankrijk), en stierf op 18 februari 2019 in Luik (België).

Rode Neuzen-Robbedoes

 

43685-w360e

Er is een speciale Special te koop in de reeks Robbedoes Special waarvan de opbrengst naar de Rode Neuzen Dag gaat.
Ja, het is dus wel heel speciaal. :D

Het verhaal en de tekeningen zijn van het duo Charel Cambré en Marc Legendre, die ook de nevenreeks Robbedoes Special maken.

Het album kost vijf euro en de opbrengst gaat, na aftrek van de btw en de kosten, integraal naar Rode Neuzen Dag.

Het album bevat een dossier over Rode Neuzen Dag en over Robbedoes.

Het album is o.a. te koop in de Carrefour en in de Standaard Boekhandel of als e-strip op http://www.yieha.be.

De Rode Neuzen Dag is een organisatie die het taboe rond psychische problemen wil doorbreken en geld wil inzamelen voor een betere opvang en ondersteuning van de jeugd.

Nog een spin-off van de reeks Robbedoes

champignac

Het zat er al lang aan te komen, en het is eigenlijk zelfs geen nieuws meer voor wie Spirou leest: er komt een nevenreeks van Robbedoes over de Graaf van Rommelgem.

Er is er al een over Zwendel, die zelfs al twee delen heeft opgeleverd.

De Graaf is al minstens zestig jaar als Robbedoes en Kwabbernoot hem ontmoeten in “Er is een tovernaar in Rommelem”. Er is was dus ruimte voor een reeks over zijn jonge jaren, en die komt er nu.

De tekeningen zijn van David Etien, en het scenario van BéKa, een duo gevormd door Bertrand Escaich en Caronline Roque.

In memoriam: Maurice Rosy (1927-2013) – De man die Stomp verzon

maurice rosy, in memoriam, baard en kale, mr. stomp, jaap, robbedoes, microverhalen, bollie en billie, kwabbernoot, franquin, roba, jerry spring, yucca ranch, derib, atilla, guy bara, maw de ontdekkingsreizigerTijdens de nacht van vrijdag op zaterdag van 22-23 februari 2013 stierf de Belgische stripauteur Maurice Rosy. Hij werd geboren op 17 november 1927 en werd 85 jaar oud.
Rosy’s carrière is erg gevarieerd. Hij werd bij zo veel zaken betrokken, direct en indirect, dat het moeilijk is om het overzicht te behouden.
Hij was artistiek directeur van het weekblad Robbedoes van 1956 tot en met 1971, niet na eerst in 1955 hoofdredacteur te zijn geweest van het stripblad Sprint. Dat was een avontuur met een blad op groot formaat zoals vóór de papierschaarste van tijdens WOII, dat het echter maar negen maanden volhield. Rosy werkt ook aan de lay-out van Moustique en van Humoradio, en kreeg de officiële functie “donneur d’idées”. In 1956 werd hij tenslotte art director van Robbedoes.
In die functie introduceerde hij de microverhalen. Dat concept kwam van Delporte. De microverhalen waren een wekelijkse bijlage van één blad, waarop een volledig tekenverhaal van tientallen pagina’s stond.
De meeste van die verhalen zijn nu onbekend, maar hun historisch belang mag niet worden onderschat. Daarin verscheen het eerste volledige verhaal met de smurfen, dat later werd herwerkt tot het album “De zwarte smurfen”.
Ook Bollie en Billie werden in de microverhalen geboren. Dat gebeurde in 1959 met een scenario van Rosy en Roba, en tekeningen van Roba.
Een andere figuur die van de microverhalen doorgroeide naar het grote werk was Jaap, een gevangene in een zwart-wit gestreept pak, die voortdurend tevergeefs probeert uit te breken. De tekeningen waren van Paul Deliège, maar de scenario’s van Rosy.
Rosy schiep ook een van de bekendste gentlemen-gangsters van de strip. Hij tilde een reeks die tot dan toe wat in de marge stond, naar een dramatischer niveau: meneer Stomp (Mr. Choc) van de reeks Baard en Kale, getekend door Will.
Rosy’s flexibiliteit blijkt uit de vele tekenaars aan wie hij scenario’s bezorgde.
– Voor Franquin schreef hij de Robbedoes en Kwabbernoot-verhalen “De dictator en de paddestoel” (1953) en “Het masker der stilte” (1955).
– Voor Jijé schreef hij “Yucca Ranch” voor de reeks Jerry Spring.
– Voor Derib bedacht hij de reeks Atilla. Derib werd later de tekenaar van Buddy Longway en Yakari.
– Voor Guy Bara, toen al erg bekend voor zijn cartoonreeks Max, de ontdekkingsreiziger, schreef hij ook een scenario.
– Voor Louis Salvérius, die later De Blauwbloezen tekende.
– Voor Eddy Paape.
– Voor Ryssack.
– Voor Deliège.
Alsof dat nog niet genoeg was, werd hij ook betrokken bij de oprichting van TVA Dupuis, de animatiestudio van de uitgeverij.
Na zijn vertrek bij Robbedoes werd Rosy politiek tekenaar en reclametekenaar.